Op een oude herenfiets rij ik het erf af. Als ik hoofd en rug buig om wat kracht te zetten, zie ik een vlieg op het stuur zitten. Hij zit stil en rustig. Het is een hete dag, dik dertig graden. Ik zou ook liever meeliften in een open auto in plaats van zelf te fietsen. Mijn dunne broek plakt aan mijn benen en ik snap waarom een korte broek soms toch fijn is. Middenin het dorp sla ik af naar een smalle weg die in de zon ligt. Ik zie de vlieg even heen en weer lopen over het fel beschenen stuur en vervolgens vertrekken.
Als ik op de terugweg vanaf de smalle, zonnige weg afsla naar de hoofdweg die nog steeds in de schaduw ligt, zit er ineens opnieuw een vlieg op het stuur. Op zo ongeveer dezelfde plek. En omdat alles hetzelfde is: schaduw, plek, fiets, berijder, route, zal het vast en zeker ook dezelfde vlieg zijn. Samen gaan we richting huis.
Categorieën