Nacht. De diesel bromt gezellig, maar slaapverwekkend. Nog een uur te gaan. Een snelle blik in de achteruitkijkspiegel wordt een inspanning en lijkt gevaarlijk lang te duren. Tijd dus voor wat afleiding. Ik zet de radio aan. ‘Past het wel in deze tijd?’, vraagt een mannenstem. Een vrouwenstem antwoordt: ‘Aan de ene kant wel, aan de andere kant niet.’ In dezelfde beweging zet ik de radio weer uit en draai het raam open. Een frisse wind waait door de auto. Ik schraap mijn keel en zing mezelf naar huis.
Categorieën