De sneeuw knerpt onder mijn voeten en elke pas maakt een afdruk op de nog ongerepte witte grond. Als ik omkijk, zijn mijn sporen alweer volgewaaid. Ook mijn broek en jas zijn onherkenbaar wit. Een sneeuwpop die ongezien verdwaalt in een landschap dat langzaamaan steeds witter wordt. Wind jaagt de sneeuw in mijn gezicht, maakt elk haartje van mijn wimpers nat. Wintertranen, die ik met mijn handschoen uit mijn ogen strijk.
Categorieën