‘Een wereld zonder mensen,’ zegt een stem op de radio. Het is in een reclameblokje rond drie uur in de middag. ‘Een wereld zonder mensen.’ De tunnel die ik binnenrij, heeft geen radiozender. De ontvangst valt weg. Maar de zin blijft hangen, en ik vraag me af hoe al die opgesloten dieren moeten overleven als wij ineens verdwijnen. Hoe lang een stoplicht rood en groen blijft geven. Welke ziektekiemen er de brui aan geven. Hoe lang een koe terugkomt naar de stal en zich automatisch laat melken. Ik rij een tunnel in, en even is er geen bereik. Het wordt donker om me heen. Ik hoor alleen maar ruis.
Categorieën