Stil

Vandaag blijft het stil. Er was een krekel bij ons ingetrokken. Verstopt onder het aanrecht, achter de planken, ver weg in een hoekje dat met zaklamp en stofzuiger niet is te bereiken. Elke avond om half tien stipt begon hij zijn gezang en hij ging door tot ver na middernacht. Een krekel tijdens Nieuwsuur, een krekel die Pauw voortdurend in de rede valt, een krekel als ik naar bed ga, een krekel vlak voordat ik eindelijk in slaap val. Vandaag blijft het stil. En hoewel ik iedereen en alles een lang leven gun, is deze rust toch ook wel fijn. De tv laat ik uit. De schuifdeur naar de tuin staat op een kier. Er blaast een frisse wind naar binnen.