Onbalans

‘Mag ik erlangs?’ vraagt het meisje dat naast hem zit terwijl ze alvast haar jas dichtritst.
Hij schudt zijn hoofd en verroert zich niet.
‘Ik moet er hier uit, mag ik er even langs.’
Ze staat half op en buigt ietwat over hem heen.
‘Nee. Nee, dat kan niet, want dat verstoort de balans in de coupé!’
Hij blijft zitten en perst zijn knieën tegen de stoelleuning voor hem zodat ze niet passeren kan.
Ze kijkt om zich heen of er iemand helpen wil. Maar alle passagiers zijn verdiept in hun mobiel.
‘Ik moet eruit,’ zegt ze dringend, ‘echt, hier moet ik eruit.’
Alsof zoiets zeggen zin heeft. Onbalans voorkomen gaat altijd voor. Want je weet niet wat er gebeurt als de symmetrie in de coupé wordt verstoord. Dan ziet hij uit een ooghoek dat er aan de overkant van het gangpad iemand opstaat en naar de open treindeur loopt. Direct trekt hij zijn knieën terug en maakt ruimte. Ze wring zich langs hem heen en rent de trein uit. Hij schuift door naar haar plek aan het raam. Ze staat op het perron en kijkt schielijk weg als ze hem ziet.