New York shake

Mijn koffer laat ik voor wat hij is en ik ruk de gordijnen open. Wolkenkrabbers! Dat wil je zien als je in New York City bent, zelfs uit het raam van je hotelkamer. Het voelt of de vloer trilt. Onzin. Nee, echt. De vloer trilt. Een kleine beweging die licht begint onder mijn voeten en langs mijn kuiten omhoogkruipt naar mijn dijbenen en bekken. Is het de wind die door de straten jakkert en aan de huizen en gebouwen rukt? Staat het hotel op een stalen frame dat trilt als er een auto langsdendert? Misschien het vliegtuig dat nog naschudt in mijn spieren? Opwinding dat ik in New York ben? Zo moe dat ik het heelal voel resoneren? De gedachten buitelen over elkaar. Ik laat me in een stoel vallen en check de thee die in een glas op een tafeltje staat. De thee kijkt rimpelloos terug. Het licht van de neon-reclames gluurt naar binnen en tekent blauwe en roze vegen op de muur. In de straat hoor ik schreeuwen, auto’s en zo’n typisch Amerikaanse sirene. Wahwahwah, woeoeoeoeiiiiiiii. Onder mij trilt nog steeds de wereld.