Categorieën
Geen categorie

Eén

Alles wil geteld. Door mij geteld. Vandaag ook deze woorden (dertien tot hier). Een rode wouw die overvliegt. Een volk van honderdzestien zwarte kraaien die in de toppen van de bomen nestelen, twee merels in de tuin. Een zwerm van achttien mussen. Vier takken judaspenning. Vier stoelen rond een tafel. Een versleten bruggetje over een sloot. Een hommel die op ooghoogte langsbromt. Zeven grijze auto’s en twee rode. Dan stokt het. Want het gras teveel om elke spriet te tellen. De korrels aarde alleen maar uit te drukken in getallen die ik niet meer kan bevatten. En een ik die telt. Eén ik die telt. Plus een ik die zichzelf ziet tellen. En zich afvraagt waar dat toch voor nodig is.